woordenschat

  • Grammaticale vormen en bijzondere woorden; formes grammaticales et mots particuliers / schrijf- en spreektaal [4]; langue écrite et parlée / Nederlandse woordenschat; vocabulaire néerlandais

    • Usage lexical en Flandre (Belgique) et aux Pays-Bas / Lexicaal gebruik in Vlaanderen (België) en Nederland

    • Question linguistique : formes grammaticales et mots particuliers / Taalvraag : grammaticale vormen en bijzondere woorden.

    • Langue écrite (langue formelle) et langue parlée (langue informelle)/ Schrijftaal (formele taal) en spreektaal (informele taal)

    • Vocabulaire néerlandais-français / Woordenschat Nederlands-Frans

    ---------------

    vocabulaire,woordenschat,mots particuliers,bijzondere woorden

    Kwakelbrug (Edam)

     vocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avond

    https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Kwakelbrug,_overzicht_-_Edam_-_20066216_-_RCE.jpg

    ---------------

    SCHRIJFTAAL (of FORMELE TAAL) en SPREEKTAAL (of INFORMELE TAAL) in Vlaanderen (België) en Nederland

    LANGUE ECRITE (ou FORMELLE) et LANGUE PARLEE (ou INFORMELLE) en Flandre (Belgique) et aux Pays-Bas

    De meeste woorden uit de spreektaal kunnen bijna altijd worden geschreven. Woorden uit de schrijftaal worden relatief weinig in de spreektaal gebruikt. Als een woord (of een vorm) zich in de kolom 'SCHRIJFTAAL' bevindt, betekent dat toch niet dat het volledig uitgesloten wordt van de spreektaal, maar gewoon dat het naargelang de gewoontes van de taalgebruikers minder vaak gehanteerd wordt in de alledaagse taal dan het overeenkomende woord in de kolom 'SPREEKTAAL'.

    La plupart des mots de la langue parlée peuvent presque toujours s'écrire. Les mots de la langue écrite s'emploient relativement peu dans la langue parlée. La présence d'un mot (ou d'une forme) dans la colonne 'SCHRIJFTAAL' ne signifie cependant pas qu'il soit complètement exclu de la langue parlée, mais simplement que son emploi est, selon les habitudes des locuteurs, moins fréquent dans la langue usuelle que son correspondant de la colonne 'SPREEKTAAL'.

    ---------------

    SCHRIJFTAAL (FORMELE TAAL)  ⇒  SPREEKTAAL (INFORMELE TAAL) ⇒ VERTALING in het Frans

    GRAMMATICALE VORMEN en BIJZONDERE WOORDEN

    1. alle (n) ⇒ allemaal ⇒ tous

    2. alles wat  wat ... allemaal, wat ... zoal  tout ce qui, tout ce que

    3. beide(n)  allebei ⇒ tous (les) deux

    4. der [genitief](bv.: het woordenboek der Nederlandse taal) van de (bv.: het woordenboek van de Nederlandse taal) du, de la, des (par ex. : le dictionnaire de la langue néerlandaise)

    5. Jans boek [genitief, bezits-s]  Jan z'n boek, het boek van Jan  le livre de Jan

    6. Anna's auto [genitief, bezits-s]  Anna d'r auto, de auto van Anna ⇒ l'auto d'Anne

    7. elkaar  mekaar, elkaar  l'un(e) l'autre, mutuellement

    8. men (2) zegt ... je zegt ..., we zeggen ..., ze zeggen ..., de mensen zeggen ..., iemand zegt ..., (of een passieve vorm) er wordt gezegd ...)  on dit ...

    9. dergelijk(e) (2) zo'n, zulk(e)  un(e)tel(le)

    10. een weinig (2) suiker  een beetje suiker, wat suiker  un peu de sucre

    11. enige, enkele  een paar, enkele  quelques

    12. iets  wat  quelque chose

    13. niets  niks  rien

    14. Ik heb aan iets gedacht; ze heeft op iets gewacht Ik heb ergens aan gedacht; ze heeft ergens op gewacht J'ai pensé à quelque chose

    15. Ik heb aan niets gedacht  Ik heb nergens aan gedacht  Je n'ai pensé à rien.

    16. de/het mijne; de/het jouwe, ...  die/dat van mij; die/dat van jou, ...  le mien, la mienne; le tien, la tienne, ...

    17. zulk een (1) zo'n  un tel ..., un si ...

    18. alsof  net of  comme si

    19. daar (2), doordat omdat  parce que, comme

    20. doch (1), echter (1)  maar  mais, cependant

    21. hoewel, ofschoon  al + inversie [bv.: Al was het slecht weer, toch gingen we wandelen / Al was het slecht weer, we gingen toch wandelen]  bien que, quoique

    22. indien (1), wanneer (1)  als, inversie + dan ... [bv.: Komt u te laat, (dan) maken we een nieuwe afspraak ] ⇒ si 

    23. na ... te + infinitief  nadat + bijzin  après + infinitif passé, après que + subordonnée

    24. alvorens ... te + infinitief  voordat + bijzin  avant de + infinitif, avant que + subordonnée

    25. (noch) ... noch ...  zomin ... als ...; geen ... en/of ...; geen ... en geen ...; niet ... en niet ...  ni ... ni ...

    26. zodra  zo gauw  dès que

    27. de bladeren  de blaren  les feuilles (d'arbre, de plante, ..)

    28. zakenlieden  zakenlui, zakenmannen, zakenmensen ⇒ des hommes d'affaires

    29. een goed leraar  een goeie leraar  un bon professeur

    30. ik houd (1) ik hou  je tiens

    31. ik wilde, we wilden, ...  ik wou, we wouden/wou(w)en, ...  je voulais, nous voulions, ...

    ~

    (1) Niet gebruikelijk in de spreektaal in Nederland.

    (2) Weinig gebruikelijk in de spreektaal in Nederland, behalve voor bepaalde gevallen.

    ---------------

    vocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avondDocument 'Schrijftaal & Spreektaal 4' sur :

    vocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avond

     https://fr.pinterest.com/pin/319051954842543593/

     

    vocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avondvocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avond

    Document 'Schrijftaal & Spreektaal 4' à consulter dans la collection Google+ Woordenschat & oefeningen : 

     

     

  • Vocabulaire : voorzetsels, preposities; prépositions / bijvoeglijke naamwoorden, adjectieven; adjectifs / zelfstandige naamwoorden, substantieven; substantifs / schrijf- en spreektaal [3]; langue écrite et parlée / woordenschat / néerlandais; Nederlands

    • Usage lexical en Flandre (Belgique) et aux Pays-Bas / Lexicaal gebruik in Vlaanderen (België) en Nederland

    • Question linguistique : emploi de certaines prépositions ainsi que de certains adjectifs et substantifs dans la langue écrite (langue formelle) et la langue parlée (langue informelle) / Taalvraag : gebruik van bepaalde voorzetsels (preposities), bijvoeglijke naamwoorden (adjectieven) en zelfstandige naamwoorden (substantieven) in de schrijf- en spreektaal (formele en informele taal)

    • Vocabulaire néerlandais-français / Woordenschat Nederlands-Frans

    ---------------

    vocabulaire,woordenschat,voorzetsels (preposities),prépositions,bijvoeglijk naamwoord,adjectief,adjectif qualificatif,zelfstandige naamwoorden,substantifs

     Kwakelbrug, Edam

     vocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avond

     https://www.flickr.com/photos/nikmorris/14715057012/sizes/c/

    ---------------

     

    SCHRIJFTAAL (of FORMELE TAAL) en SPREEKTAAL (of INFORMELE TAAL) in Vlaanderen (België) en Nederland

    LANGUE ECRITE (ou LANGUE FORMELLE) et LANGUE PARLEE (ou LANGUE INFORMELLE) en Flandre (Belgique) et aux Pays-Bas

    De meeste woorden uit de spreektaal kunnen bijna altijd worden geschreven. Woorden uit de schrijftaal worden relatief weinig in de spreektaal gebruikt. Als een woord (of een vorm) zich in de kolom 'SCHRIJFTAAL' bevindt, betekent dat toch niet dat het volledig uitgesloten wordt van de spreektaal, maar gewoon dat het naargelang de gewoontes van de taalgebruikers minder vaak gehanteerd wordt in de alledaagse taal dan het overeenkomende woord in de kolom 'SPREEKTAAL'.

    La plupart des mots de la langue parlée peuvent presque toujours s'écrire. Les mots de la langue écrite s'emploient relativement peu dans la langue parlée. La présence d'un mot (ou d'une forme) dans la colonne 'SCHRIJFTAAL' ne signifie cependant pas qu'il soit complètement exclu de la langue parlée, mais simplement que son emploi est, selon les habitudes des locuteurs, moins fréquent dans la langue usuelle que son correspondant de la colonne 'SPREEKTAAL'.

    ---------------

    SCHRIJFTAAL (FORMELE TAAL) ⇒  SPREEKTAAL (INFORMELE TAAL) ⇒ VERTALING in het Frans

    VOORZETSELS (PREPOSITIES)

    1. gedurende (2), tijdens  in  pendant, durant

    2. te + infinitief  om te + infinitief  à/de + infinitif

    3. te + uur (1)  om + uur  à + heure

    4. te + naam van een stad  in + naam van een stad  à + nom d'une ville

    5. ter wereld  in/over/van de wereld  au/du monde

    6. dienen tot  dienen voor  servir à

    7. spreken tot  spreken/praten tegen  parler à

    BIJVOEGLIJKE NAAMWOORDEN (ADJECTIEVEN)

    8. aangenaam  prettig, leuk, plezierig, gezellig  agréable, chouette, sympa

    9. bedaard  kalm, rustig, stil  calme, tranquille

    10. gebroken  kapot, stuk  cassé

    11. geheel (1)  heel  entier, tout

    12. gemakkelijk  (ge)makkelijk  facile

    13. ledig (1)  leeg  vide

    14. moedig, dapper  flink  courageux

    15. schoon (1)(3)  mooi  beau

    16. snel, vlug  gauw, rap, vlug  rapide

    17. vuil  vies, vuil  sale

    ZELFSTANDIGE NAAMWOORDEN (SUBSTANTIEVEN)

    18. het dagblad (2)  de krant  le journal, le quotidien

    19. de heer  de meneer  le monsieur, l'homme

    20. de herfst  het najaar  l'automne

    21. het leder (1)  het leer  le cuir

    22. de lente (2)  het voorjaar  le printemps

    23. het medelijden (2)  het meelij  la pitié

    24. het rijwiel (1)  de fiets  la bicyclette, le vélo

    25. de slag  de klap  le coup

    26. het venster  het raam  la fenêtre

    27. het vermaak, de vreugde  de pret, het plezier  le plaisir, l'amusement, la joie

    28. de weide  de wei  le pré, la prairie

    29. de wielrijder (1)  de fietser  le cycliste

    30. de wijze  de manier  la manière, la façon

     

    (1) Niet gebruikelijk in de spreektaal in Nederland.

    (2) Weinig gebruikelijk in de spreektaal in Nederland, behalve in bepaalde gevallen.

    (3) In Nederland betekent schoon : netjes, proper.

    ---------------

    vocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avondDocument 'Schrijftaal & Spreektaal 3' sur :

    vocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avond

     https://fr.pinterest.com/pin/319051954842380793/

     

    vocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avondvocabulaire,woordenschat,delen van de dag,parties du jour,middag,midi,après-midi,namiddag,voormiddag,matin,morgen,ochtend,avond

    Document 'Schrijftaal & Spreektaal 3' à consulter dans la collection Google+ Woordenschat & oefeningen