v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd)

  • Exercice de grammaire contextualisé : conditionnel présent et passé - o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd) en v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd) - conditionalis - néerlandais

    • Exercice grammatical en contexte / Grammaticale oefening in context
    • Grammaire néerlandaise / Nederlandse grammatica, Nederlandse spraakkunst
    • Le conditionnel présent et le conditionnel passé / de o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd) en de v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd), de conditionalis (presens) en de conditionalis perfectum
    • Variantes non officielles : ovtt, O.V.T.T., OVTT, O.V.Tk.T; vvtt, V.V.T.T., VVTT, V.V.Tk.T / Niet-officiële varianten : ovtt, O.V.T.T., OVTT, O.V.Tk.T; vvtt, V.V.T.T., VVTT, V.V.Tk.T
    • Construction de phrases / Zinnen maken
    • Niveaux : 5N1, 5N2 / Niveaus : 5N1, 5N2

    ---------------

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Gezicht op de Prinsengracht, 1937, pastel, Martin Monnickendam

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis http://www.martinmonnickendam.nl/paginas/detailsKunst.php?id=2778

    ----------------

    Oefening : iemand raad geven / Exercice : conseiller quelqu'un

    Zeg eens wat de mensen in deze situaties zouden moeten doen. / Explique ce que les personnes devraient faire dans ces situations.

    Gebruik de o.v.t.t. [onvoltooid verleden toekomende tijd]/de conditionalis (presens) of de v.v.t.t. [voltooid verleden toekomende tijd]/de conditionalis perfectum : 'Je/Hij/Ze zou .......... moeten .......... ' of  'Je/Hij/Ze had ........... moeten ............'. / Utilise le conditionnel présent ou passé : 'Je/Hij/Ze zou .......... moeten .......... ' ou  'Je/Hij/Ze had ........... moeten  ............'. 

    1

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

      

    Ik heb hoofdpijn.

    ....................................

    ...................................

    2

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis 

    Ik heb honger.

    ....................................

    ...................................

    3 

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik heb het warm.

    ....................................

    ................................

    4

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik ben moe.

    ....................................

    ...................................

    5 

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik ben te dik.

    ....................................

    ...................................

    6

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik heb dorst.

    ....................................

    ...................................

    7

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik ben te zwak.

    ....................................

    ...................................

    8

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik ben heel arm.

    ....................................

    ...................................

    9

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    De poten van mijn hond zijn vuil.

    ....................................

    ...................................

    10

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Marjolein is zo verlegen.

    ....................................

    ...................................

    11

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik ben te laat.

    ....................................

    ...................................

    12

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

     

    Morgen moet ik een wiskundetoets maken.

    ....................................

    ...................................

    13

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik heb mijn been gebroken.

    ....................................

    ...................................

    14

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik heb het koud.

    ....................................

    ...................................

    15 

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis 

    Ik heb kiespijn.

    ....................................

    ...................................

    16

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

     

    Ik heb koorts.

    ....................................

    ...................................

    17 

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Hij is verliefd op Laura.

    ....................................

    ...................................

    18

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Hij zit vast in een verkeersopstopping.

    ....................................

    ...................................

    19

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik heb niks om aan te doen.

    ....................................

    ...................................

    20

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Het stortregent.

    ....................................

    ...................................

    21

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis 

    Ik hou niet van koken.

    ....................................

    ...................................

    22 

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Ik vind niets meer terug.

    ....................................

    ...................................

    23

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis 

    Ik verveel me.

    ....................................

    ...................................

    24

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis 

    Mijn zoon is jarig.

    ....................................

    ...................................

     

    25

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

    Er is veel zon.

    ....................................

    ...................................

     

    ---------------

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalisDocument "Iemand raad geven" en format JPEG sur

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

     https://fr.pinterest.com/pin/319051954830447155/

     

    ---------------

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalis

     

     

     

     

    Antwoordmodellen / Réponses modèles

     

     

     

     

    01. Je zou een aspirientje moeten slikken/(in)nemen.

    02. Je zou naar een frietkraam moeten gaan om er frietjes te eten.

    03. Je zou je moeten opfrissen met een douche.

    04. Je zou echt wat moeten uitrusten.

    05. Je zou een dieet/vermageringskuur moeten volgen ; je zou op dieet moeten (gaan) ; je zou aan een dieet/vermageringskuur moeten beginnen.

    06. Je zou iets fris moeten drinken.

    07. Je zou vitaminen moeten (in)slikken.

    08. Je zou naar de sociale dienst moeten gaan.

    09. Je zou je hond moeten wassen.

    10. Ze zou moeten proberen met andere kinderen te spelen/praten.

    11. Je had vroeger moeten opstaan!

    12. Je zou de theorie en de oefeningen moeten herlezen.

    13. Je zou rustig thuis moeten blijven.

    14. Je had een dikke trui moeten aandoen!

    15. Je zou dringend naar de tandarts moeten gaan.

    16. Je zou de dokter/arts moeten bellen.

    17. Hij zou haar een mooi cadeau moeten geven.

    18. Hij zou vaker met de fiets moeten rijden.

    19. Je zou een nieuwe avondjapon moeten kopen.

    20. Je had een paraplu moeten meenemen!

    21. Je zou moeten leren koken.

    22. Je zou wat meer orde moeten hebben.

    23. Je zou naar een film moeten kijken.

    24. Je zou al zijn vrienden moeten uitnodigen.

    25. Je zou zonnebrand(olie) moeten smeren.

     

    Woordenschat : (in)slikken : avaler, prendre [un médicament] / innemen : prendre [un médicament] / het, de frietkraam : la friterie / zich opfrissen : se rafraîchir / uitrusten : se reposer / de vermageringskuur : le régime / de dienst : le service / aandoen : mettre [un vêtement] / dringend : de toute urgence / de avondjapon : la robe de soirée / uitnodigen : inviter / de zonnebrand(olie) : le produit solaire, l'huile solaire / smeren : étaler

    ---------------

    exercices grammaticaux,grammatica-oefeningen,conditionnel présent,conditionnel passé,o.v.t.t. (onvoltooid verleden toekomende tijd),v.v.t.t. (voltooid verleden toekomende tijd),conditionalisDocument 'Iemand raad geven" en format PDF :

    Iemand raad geven.pdf