negatie

  • Exercice : négation en néerlandais : emploi de "niet meer", "geen ... meer", "nog niet", "nog geen" - grammaire néerlandaise

    • Exercices grammaticaux en néerlandais/ Grammatica-oefeningen Nederlands
    • Grammaire néerlandaise : theorie / Nederlandse grammatica, spraakkunst : theorie
    • Négation : niet meer, geen ... meer, nog niet, nog geen / Ontkenning, negatie : niet meer, geen ... meer, nog niet, nog geen
    • Niveaux : 4N1, 5N2, 5N1 / Niveaus : 4N1, 5N2, 5N1

    ----------------

    grammaire,exercices grammaticaux,négation,ontkenning,negatie,niet meer,geen ... meer,nog niet,nog geen

    Cornelis Brandenburg (1884 - 1954), Amsterdams grachtgezicht

    grammaire,exercices grammaticaux,négation,ontkenning,negatie,niet meer,geen ... meer,nog niet,nog geenhttp://www.verzamelaars.net/veilingvinden/september2013/Cornelis-Brandenburg-1884-1954-r.o.-gesigneerd-216017.html 

    ---------------

    Rappel / Herhaling

    nog  → niet meer     geen ... meer
          [le substantif se place entre "geen" et "meer" / het substantief wordt tussen "geen" en "meer" geplaatst]
    al  → nog niet nog geen
        [se place après le complément direct / wordt na het lijdend voorwerp (direct object) geplaatst.]  

    ---------------

    Répondez aux questions à la forme négative. / Antwoord negatief op de vragen.

    01. Rijd je nog naar Brugge?      ...................................................
    02. Staan er al bloemen in de tuin?      ...................................................
    03. Heeft je zoon al een fiets?      ...................................................
    04. Zijn er nog bloemen in de tuin?      ...................................................
    05. Kan ik nog achteruitrijden?      ...................................................
    06. Werkt vader nog op zijn kantoor?      ...................................................
    07. Zitten ze al aan tafel?      ...................................................
    08. Waren ze nog op de tweede verdieping?      ...................................................
    09. Heeft die jongen nog een brommer?      ...................................................
    10. Haalt die heer nog een ander boek?      ...................................................
    11. Verhuur je nog je huis?      ...................................................
    12. Is het nog zo warm?      ...................................................
    13. Woon je al in Den Haag?      ...................................................
    14. Mag hij al naar de tv kijken?      ...................................................
    15. Verkoop je je huis al?      ...................................................
    16. Staan we al in de Kerkstraat?      ...................................................
    17. Heeft moeder al een nieuwe hoed?      ...................................................
    18. Heeft Ina nog een nieuwe hoed?      ...................................................
    19. Eet je nog gebakjes?      ...................................................
    20. Staan de boeken al in de kast?      ...................................................
    21. Heeft de familie Kok al kinderen?      ...................................................
    22. Doen de kinderen nog boodschappen?      ...................................................
    23. Luistert Elly nog naar het nieuws op de radio?      ...................................................
    24. Gaat hij morgen nog naar zee?      ...................................................
    25. Wil Hans zijn wagen al verkopen?      ...................................................
    26. Is uw broer al getrouwd?      ...................................................
    27. Kent hij het antwoord nog?      ...................................................
    28. Wil Lea haar nieuwe jurk nog aandoen?      ...................................................
    29. Neem je nog een kopje koffie?      ...................................................
    30. Kun je met dat budget al een nieuwe wagen kopen?      ...................................................

     

    grammaire,exercices grammaticaux,négation,ontkenning,negatie,niet meer,geen ... meer,nog niet,nog geen

    Solutions / Oplossingen

    01. Nee, ik rij(d) niet meer naar Brugge.
    02. Nee, er staan nog geen bloemen in de tuin.
    03. Nee, mijn zoon heeft nog geen fiets.
    04. Nee, er zijn geen bloemen meer in de tuin.
    05. Nee, ik kan niet meer achteruitrijden.
    06. Nee, vader werkt niet meer op zijn kantoor.
    07. Nee, ze zitten nog niet aan tafel.
    08. Nee, ze waren niet meer op de tweede verdieping.
    09. Nee, die jongen heeft geen brommer meer.
    10. Nee, die heer haalt geen ander boek meer.
    11. Nee, ik verhuur mijn huis niet meer.
    12. Nee, het is niet meer zo warm/niet zo warm meer.
    13. Nee, ik woon nog niet in Den Haag.
    14. Nee, hij mag nog niet naar de tv kijken.
    15. Nee, ik verkoop mijn huis nog niet.
    16. Nee, we staan nog niet in de Kerkstraat.
    17. Nee, moeder heeft nog geen nieuwe hoed.
    18. Nee, Ina heeft geen nieuwe hoed meer.
    19. Nee, ik eet geen gebakjes meer.
    20. Nee, de boeken staan nog niet in de kast.
    21. Nee, de familie Kok heeft nog geen kinderen.
    22. Nee, de kinderen doen geen boodschappen meer.
    23. Nee, Elly luistert niet meer naar het nieuws op de radio.
    24. Nee, hij gaat morgen niet meer naar zee.
    25. Nee, Hans wil zijn wagen nog niet verkopen.
    26. Nee, mijn broer is nog niet getrouwd.
    27. Nee, hij kent het antwoord niet meer.
    28. Nee, Lea wil haar nieuwe jurk niet meer aandoen.
    29. Nee, ik neem geen kopje koffie meer.
    30. Nee, ik kan met dat budget nog geen nieuwe wagen kopen.