Exercice de grammaire : TE + bijvoeglijk naamwoord; TE + adjectif qualificatif / antoniemen; antonymes / Nederlands; néerlandais

• Antonymes, contraires / Antoniemen, tegengestelden, tegenovergestelden

• Structure : TE + adjectif qualificatif [TROP + adjectif qualificatif] / Structuur : TE + bijvoeglijk naamwoord, TE + adjectief

• Exercice grammatical / Grammaticale oefening

• Construction de phrases / Zinnen bouwen

• Niveaux : 4N1, 4N2, 5N2 / Niveaus : 4N1, 4N2, 5N2

---------------

grammatica-oefeningen,exercices grammaticaux,te + bijvoeglijk naamwoord,te + adjectif qualificatif,antoniemen,antonymes

Torentje, Den Haag, Anton Pieck

grammatica-oefeningen,exercices grammaticaux,te + bijvoeglijk naamwoord,te + adjectif qualificatif,antoniemen,antonymes https://fr.pinterest.com/pin/319051954831629657/

---------------

Grammatica-oefening / Exercice grammatical : antoniemen / antonymes

grammatica-oefeningen,exercices grammaticaux,te + bijvoeglijk naamwoord,te + adjectif qualificatif,antoniemen,antonymes

---------------

grammatica-oefeningen,exercices grammaticaux,te + bijvoeglijk naamwoord,te + adjectif qualificatif,antoniemen,antonymesExercice 'TE + bijvoeglijk naamwoord' en format JPEG sur :

grammatica-oefeningen,exercices grammaticaux,te + bijvoeglijk naamwoord,te + adjectif qualificatif,antoniemen,antonymeshttps://fr.pinterest.com/pin/319051954831629657/

 

---------------

grammatica-oefeningen,exercices grammaticaux,te + bijvoeglijk naamwoord,te + adjectif qualificatif,antoniemen,antonymes

 

 

 

 Phrases modèles / Voorbeeldzinnen

 

 

1) Hij past de trui van zijn vader (aan), maar de trui is te groot.

2) De trui die het meisje (aan)gepast heeft, is te klein.

3) De broek die het jongetje aan heeft, is te lang.

4) De broek die het jongetje aan heeft, is te kort.

5) De straat waardoor de auto rijdt, is te smal / nauw / eng

6) De man probeert de doos/de kist (op) te tillen, maar die is te zwaar.

7) Hij krijgt hoofdpijn omdat het geluid te hard is.

8) De twee kliffen/rotswanden staan te ver van elkaar (vandaan) en de man kan de overkant niet bereiken.

9) Het water in de badkuip/het bad is te warm en de vrouw moet even wachten voordat ze een bad neemt. / … wachten tot(dat) het water afgekoeld is.

10) De man wil in de zee zwemmen/De man steekt een teen in de zee, maar het water is te koud.

11) Het kind wil de appel plukken, maar de tak van de boom is/hangt te hoog.

12) De omheining/het hek van de tuin is te laag en de hond springt er altijd over.

 

Woordenschat :

(aan)passen : essayer [un vêtement] / smal = nauw = eng : étroit / de doos : la boîte / de kist : la caisse / (op)tillen : lever, soulever / zwaar : lourd / het geluid : le son / de klif : la falaise / de rotswand : la paroi rocheuse / de badkuip = het bad : la baignoire / afkoelen : refroidir / een teen steken in … : mettre un orteil dans [l'eau] / plukken : cueillir / de tak : la branche / de omheining : la clôture / het hek : la barrière

---------------

grammatica-oefeningen,exercices grammaticaux,te + bijvoeglijk naamwoord,te + adjectif qualificatif,antoniemen,antonymesDocument 'TE + adjectif' - format PDF

TE + bijvoeglijk naamwoord.pdf

 

Écrire un commentaire

Optionnel